meten
werktekening
 
 
Advies van ontwerp tot berekening

Algemene voorwaarden

Download bestand:
Algemene voorwaarden.pdf

Algemene leveringsvoorwaarden

1
Algemeen
2
Artikelgewijze toelichting
De algemene voorwaarden 9 De toepasselijkheid 10
Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen 12 Hoofdstuk 2 Algemene bepalingen omtrent de opdracht 13 Hoofdstuk 3 Bijzondere bepalingen omtrent de opdracht 14 Hoofdstuk 4 Aanpassingen en wijzigingen 14 Hoofdstuk 5 Algemene verplichtingen van partijen 15 Hoofdstuk 6 Aansprakelijkheid van de adviseur 20 Hoofdstuk 7 Onderbreking,vertraging en gevolgen daarvan 26 Hoofdstuk 8 Bepalingen van toepassing op opzeggingen 27 Hoofdstuk 9 Opzegging van de opdracht 28 Hoofdstuk 10 Gevolgen van de opzegging van de opdracht 29

Hoofdstuk 11 Eigendoms- en auteursrecht van de adviseur 31 Hoofdstuk 12 Financiële bepalingen 32 Hoofdstuk 13 Toepasselijk recht,geschillen en vaststelling 35
31
Model Basisopdracht Projectgegevens 37
2
Opdrachtdocumenten 37
3
Gegevens,informatie en goederen door de opdrachtgever ter beschikking te stellen 38 4 Vertegenwoordiging 38 5 Wettelijke verplichtingen 38 6 Kwaliteitszorg 38 7 Advieskosten 38 8 Overleg en informatieoverdracht 39 9 Samenwerken met derden-adviseurs 39 10 Slotbepalingen 39
Toelichting op de Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2005
1 a
Algemeen
De algemene voorwaarden:De Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005
De Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 zijn algemene voorwaarden.Deze algemene voorwaarden kunnen ten behoeve van iedere opdracht in ongewijzigde vorm gebruikt worden.De Rechtsver­houding opdrachtgever-architect, ingenieur en adviseur DNR 2005 is een consistent geheel en het is daarom aan te raden deze voorwaarden in hun geheel onderdeel te laten vormen van de overeenkomst tussen partijen.
b
Model Basisopdracht
De Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 gaat vergezeld van een Model Basisopdracht.De Model Basisopdracht is een gestandaardiseerde opdrachtbrief,waarin partijen een aantal concrete afspraken maken betreffende iedere specifieke opdracht die aan de adviseur wordt ver­leend.De Model Basisopdracht bevat een aantal onderwerpen waaruit partijen een keuze kunnen maken.Het gebruik van de Model Basisopdracht wordt sterk geadviseerd,omdat daarmee zekerheid kan worden verkregen dat belangrijke onderwerpen van de te sluiten opdracht niet over het hoofd worden gezien en geregeld. c
Standaardtaakbeschrijving Gebouwen
specimen specimen Status van deze toelichting Deze toelichting op de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 is een hulpmiddel bij het gebruik van de voorwaarden.De toelichting bevat illustratieve voorbeelden en beschrijft hetgeen in de regeling is bepaald soms in andere bewoordingen ter verduidelijking ervan. De toelichting is uitdrukkelijk niet bedoeld om de regeling aan te vullen.Mocht er sprake zijn van een uiteenlopen van de tekst van de regeling met de tekst van de toelichting dan gaat de tekst van de regeling voor.De toelichting maakt geen deel uit van de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005.
Naast de algemene voorwaarden,vastgelegd in de Rechtsverhouding opdracht­gever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005,en de Model Basisopdracht is ook een beschrijving van de werkzaamheden ontwikkeld ten behoeve van een opdracht met als onderwerp een gebouw.Deze beschrijving is hulpmiddel waarmee de in een bepaald geval aan de orde zijnde werkzaamheden benoemd worden en toebedeeld worden aan de verschillende participanten over de verschillenden fasen.Het gebruik van de standaardtaakbeschrijving gebouwen wordt eveneens geadviseerd,omdat het tussen alle participanten duidelijkheid verschaft over de onderlinge taakverdeling.
d
Let op: daarmee voldaan.
Toepasselijkheid en lees dit deel over toepasselijkheid en vernietigbaarheid in zijn geheel! Let op:het is de adviseur die bij een verschil van mening moet bewijzen of de
vernietigbaarheid van de algemene voorwaarden ter hand gesteld zijn.
algemene voorwaarden
a
Toepasselijkheid Tot slot is nog van belang dat op deze vernietiging van algemene voorwaarden Algemene voorwaarden,zoals de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect, geen beroep gedaan kan worden: ingenieur en adviseur DNR 2005, zijn alleen van toepassing,indien zij zijn – door een zogenaamde grote partij (kort samengevat:een rechtspersoon van aangeboden door de adviseur en aanvaard door de opdrachtgever.In de Model wie de jaarrekening openbaar gemaakt dient te worden of een partij die meer Basisopdracht wordt daarom door beide partijen verklaard: dan 50 werknemers heeft);
1 dat de adviseur de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect, ingenieur en – door een partij,die zelf meermalen dezelfde of nagenoeg dezelfde voor­adviseur DNR 2005 voorafgaande aan de totstandkoming van de opdracht ter waarden in haar overeenkomsten gebruikt. beschikking heeft gesteld aan de opdrachtgever;en
Vernietiging wil zeggen dat een beding (of meer bedingen of wellicht zelfs de gehele set van algemene voorwaarden) dat geldig tot stand gekomen is,nietig wordt/niet meer geldt en wel met terugwerkende kracht tot het ontstaans­moment van de opdracht. Een voorbeeld van het gevolg van vernietiging:wordt de aansprakelijkheids­beperking van artikel 15 bijvoorbeeld vernietigd,dan komt daarvoor in de plaats de wettelijke regeling en die kent deze beperking niet.De consequenties van een vernietiging zijn dan ook verstrekkend.
2 dat de opdrachtgever het voorstel van de adviseur om de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 van toepassing te doen zijn op de opdracht heeft aanvaard. Wordt deze weg gevolgd dan zijn de algemene voorwaarden van toepassing; dan gelden zij tussen beide partijen.De voorwaarden zijn ook van toepassing indien de adviseur op zijn briefpapier vermeldt dat de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 op zijn opdrachten van toepassing is en de opdrachtgever een offerte op dat briefpapier onder­tekent.Met het oog op het volgende onderwerp (vernietigbaarheid) is op dit moment al van belang dat de adviseur daarbij de mogelijkheid heeft geboden aan de opdrachtgever om van de algemene voorwaarden kennis te nemen. Het is voor de toepasselijkheid niet van belang of de opdrachtgever de voorwaarden ook gelezen heeft.
b Vernietigbaarheid
Als voorwaarden van toepassing zijn,wil dat niet zeggen dat zij ook onvoor­waardelijk hun kracht behouden.Het is mogelijk dat een of meer,zelfs moge­lijkerwijs alle,bedingen worden vernietigd.
Wat is vernietiging?
Wanneer dreigt die vernietiging?
Vernietiging door de wederpartij van de adviseur is mogelijk indien de adviseur ‘niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen’,dit volgt uit het burgerlijk wetboek.
Wanneer heeft de gebruiker de gelegenheid geboden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen?
Indien deze regeling vóór of bij het sluiten van de overeenkomst aan de weder partij ter hand is gesteld.Van ‘terhandstelling’ is sprake:
–wanneer de algemene voorwaarden letterlijk overhandigd worden;
–maar ook als de voorwaarden op een andere manier bij de wederpartij komen zoals per post,koerier,fax of e-mail.In deze laatste gevallen dienen de voor­waarden de wederpartij wel daadwerkelijk bereikt te hebben.

In de Model Basisopdracht wordt door opdrachtgever en adviseur verklaard dat de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005 door de adviseur ter beschikking is gesteld.Aan de eis van terhandstelling is

Hoofdstuk 1 Artikel 1 – aansprakelijkheid op grond van artikel13; Artikelsgewijze toelichting Begripsbepalingen Begripsbepalingen – opzegging op grond van artikel 27.
Object Uitvoeringskosten
Een scala aan werkzaamheden kan leiden tot een uit te voeren product van Bij het bepalen van de uitvoeringskosten kan gebruik gemaakt worden van stoffelijke aard.Eronder valt niet alleen het uitvoeren van werkzaamheden om te bijvoorbeeld de bouwkosten omschrijving onder 3.2 van NEN 2631,getiteld komen tot een nieuw gebouw of nieuwe zaak,maar ook het bewerken, ‘Investeringskosten van gebouwen’,eerste druk,maart 1979.Zie tevens de toe­uitbreiden,veranderen,repareren en slopen van een gebouw of bouwwerk. lichting op artikel 52 lid 1.
Toerekenbare tekortkoming Hoofdstuk 2 Artikel 2 Dit begrip betreft tekortkomingen van zowel opdrachtgever als adviseur. Algemene bepalingen omtrent De opdracht Het tekortkomingsbegrip is neutraal,dat wil zeggen dat ieder niet nakomen van de opdracht een verplichting voortvloeiend uit de opdracht eronder valt.De tekortkoming Terhandstellen van de regeling (lid 2) kan velerlei vormen hebben:het geheel niet nakomen,niet goed nakomen,het te Op de noodzaak van het terhandstellen van de voorwaarden en de gevolgen van laat nakomen,etc. het nalaten hiervan is onder het kopje ‘algemeen’ al ingegaan. Er is sprake van een toerekenbare tekortkoming wanneer de opdrachtgever of adviseur de tekortkoming had kunnen en behoren te vermijden.Niet iedere Onderwerpen waarover overlegd moet worden (lid 3) tekortkoming is een tekortkoming in de zin van deze regeling.Er wordt in de De opsomming in lid 3 bevat een groot aantal onderwerpen waarover in veel regeling een maatstaf gegeven aan de hand waarvan een tekortkoming in een opdrachten overleg gepleegd dient te worden en overeenstemming bereikt. bepaald geval beoordeeld wordt.De maatstaf is die van een goed en zorgvuldig De lijst is een hulpmiddel voor partijen.De opsomming is niet limitatief.De handelende adviseur of opdrachtgever,die handelde met inachtneming van nor-meeste onderwerpen komen terug in de Model Basisopdracht,waar zij concrete male oplettendheid.Wat de adviseur betreft,wordt de maatstaf gepreciseerd: invulling kunnen krijgen. hij dient met vereiste vakkennis en middelen te zijn uitgerust en wat vereist is wordt gerelateerd aan de concrete opdracht. Aparte aandacht wordt gevraagd voor het bepaalde in lid 3 onder j tot en
met n.

Voor de nadere uitwerking van deze bepalingen dient hoofdstuk 12 te worden Voorbeelden van toerekenbare tekortkomingen van de adviseur zijn: geraadpleegd.
–het overschrijden van het bedrag van ten naaste bij overeengekomen uitvoeringskosten zie artikel 2 lid 3 sub j; Artikel 3
–de ontwerpfout,zoals bijvoorbeeld de rekenfout,de beoordelingsfout of de Vooronderzoek onvolledigheid van het advies;
–het overschrijden van zijn vertegenwoordigingsbevoegdheid; Overleg (lid 3)
–het te laat nakomen. Teneinde te voorkomen dat er een ongewisse toestand ontstaat in het geval het

voorstel om over te gaan tot een vooronderzoek door de opdrachtgever van de Voorbeelden van toerekenbare tekortkomingen van de opdrachtgever zijn: hand wordt gewezen,wordt bepaald dat partijen als dan in overleg met elkaar
–het te lang laten wachten van de adviseur op beoordelingen; treden.Partijen wordt hier voorgehouden dat zij elkaar duidelijk dienen te
–het niet meedelen van een opgemerkte fout in een ontwerp; maken hoe nu verder te gaan.Nemen zij definitief afscheid van elkaar of is het
–het niet op de overeengekomen tijdstippen voldoen van verschuldigde bedragen. mogelijk dat aan de reden die aanleiding was om tot het adviseren van voor­

onderzoek over te gaan (zie het bepaalde in lid 1),een mouw te passen is.Het is Een toerekenbare tekortkoming van de adviseur leidt pas tot schadeplichtigheid immers denkbaar dat de opdrachtgever het programma van eisen bij nader indien is voldaan aan alle eisen die artikel 13 stelt.Dit zijn (naast de toerekenbare inzien kan aanpassen of verduidelijken of dat de adviseur met het verkrijgen van tekortkoming): meer gegevens al kan adviseren om tot een opdracht over te gaan zonder voor
–het uitbrengen van een schriftelijke ingebrekestelling en onderzoek.
–het niet of niet tijdig voldoen aan hetgeen in de ingebrekestelling wordt verlangd door de opdrachtgever. Artikel 4 Zie voor de toelichting op deze eisen het opgemerkte bij artikel 13. Vastlegging van de opdracht

Is er sprake van schadeplichtigheid dan is het de vraag of deze ook geheel gedekt Opstellen opdracht (lid 1)
wordt door de verzekering die de adviseur heeft.Dit staat los van de vraag naar Niettegenstaande het uitgangspunt dat de adviseur het schriftelijk concept van
de aansprakelijkheid.Mogelijk is de adviseur voor meer aansprakelijk dan waar-de opdracht opstelt,is het uiteraard ook mogelijk dat de opdrachtgever dit doet. voor hij verzekerd is.Voorbeelden van toerekenbare tekortkomingen die niet door de verzekering gedekt zullen zijn,betreffen het te laat nakomen of het Uitgangspunt en uitzondering betreffende totstandkoming overschrijden van de overeengekomen uitvoeringskosten. (leden 2 en 3)
Het uitgangspunt is dat de opdracht schriftelijk wordt vastgelegd en schriftelijk Indien er sprake is van een toerekenbare tekortkoming komen verschillende wordt bevestigd.Hetzelfde geldt voor wijzigingen die naderhand worden aan­mogelijke gevolgen in beeld: gebracht.Deze eis van geschrift is geen totstandkomingsvereiste.Ontbreekt een
– het noodzakelijk zijn van het wijzigen van de opdracht,zie artikel 9,zie voor de geschrift dan kan het bestaan van de opdracht ook met andere middelen worden vergoeding van advieskosten in het geval van een aan de adviseur toerekenbare bewezen,waarbij men vooral kan denken aan getuigen.Zonder geschrift bevindt tekortkoming,artikel 55 lid 2; degene die de opdracht wil bewijzen zich wel in een moeilijk parket,want
getuigen weten enige tijd na de totstandkoming niet meer precies wat nu wel of niet is afgesproken en ook andere middelen van bewijs zijn ten opzichte van het bewijs middels een geschrift vaak minder overtuigend.De adviseur bespaart daarom zowel zijn wederpartij als zichzelf een hoop bewijsrechtelijke narigheid als hij er voor zorgt dat de opdracht op schrift wordt gesteld.
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Bijzondere bepalingen omtrent de opdracht Werkzaamheden door anderen Het komt in de adviespraktijk vaak voor dat de adviseur niet alle voorkomende werkzaamheden zelf verricht,denk aan bijvoorbeeld het maken van detail­tekeningen.Het door een ander doen verrichten van werkzaamheden,eventueel onder leiding van een ander,verandert niets in de verantwoordelijkheid die de adviseur op zich heeft genomen ten opzichte van de opdrachtgever.Wordt bij het maken van bijvoorbeeld de detailtekening een fout gemaakt,dan is dat een fout waarvoor de opdrachtgever de adviseur aansprakelijk kan houden. Uiteraard kan de adviseur wel vervolgens de partij die de detailtekening maakte, aanspreken.Zie voor de regeling van de aansprakelijkheid van de adviseur in dit geval artikel 13 lid 2 en artikel 14 lid 5.
Hoofdstuk 4 Artikel 9

Aanpassingen en wijzigingen Aanpassingen van de opdracht

Omstandigheden die leiden tot een aanpassing van de opdracht (lid 2) de bepaling is zo geformuleerd dat aan deze verplichting ook is voldaan indien
n dit tweede lid worden voorbeelden gegeven van de in lid 1 onder a en b de adviseur zich ervan vergewist dat hij over deze kennis en kunde kan beschikken. genoemde situaties.Met de term ‘relevante’ wordt uitgedrukt dat de wijziging Het is mede in het eigen belang van de adviseur dat hij aan deze verplichting uit­van enig gewicht moet zijn.Programma’s van eisen veranderen tijdens de looptijd voering geeft.Er is namelijk volgens artikel 1 in samenhang met artikel 13 sprake van een opdracht veelvuldig;de veranderingen kunnen uiteenlopen van wensen van een toerekenbare tekortkoming van de adviseur,indien hij bij de uitvoering van twintig in plaats van vijf wandcontacten tot bijvoorbeeld het beperken van ervan tekortschiet op een wijze,die een goed,met de voor de opdracht vereiste het te bouwen object van vijf bouwlagen tot vier.Andere voorbeelden zijn:het middelen en noodzakelijke kennis en kunde uitgerust en zorgvuldig handelend toezicht wordt twee keer langer dan oorspronkelijk begroot;het uit te voeren adviseur had kunnen en moeten vermijden.
object wordt anders dan aanvankelijk gepland in regie uitgevoerd. Per geval dient te worden gekeken of het aanleiding geeft de opdracht aan te Goed en zorgvuldig uitvoeren van de opdracht (lid 2) passen. De inhoud en omvang van de verplichtingen van de adviseur staan in beginsel
De aanpassing van de opdracht kan leiden tot een verlaging dan wel tot een verhoging van de advieskosten.Zie voor de uitwerking van de financiële aspecten van een aanpassing van de opdracht artikel 55 lid 3.
Het is mogelijk dat een wijziging in de uitgangspunten of de omstandigheden ten grondslag liggend aan de opdracht gelijk staat aan overmacht voor een partij. In dat geval kan door de partij aan wier kant deze situatie zich voordoet,in plaats van een beroep op dit artikel,gekozen worden voor opzegging op grond van artikel 28.Een beroep op artikel 9 daarentegen kan door beide partijen gedaan worden,zij het dat het voor de hand ligt dat het artikel wordt ingeroepen door de partij aan wier kant de verandering zich voordoet.
Artikel 10
Onvoorziene omstandigheden
Een onvoorziene omstandigheid is een omstandigheid die door partijen stilzwijgend noch uitdrukkelijk is verdisconteerd in de opdracht.Er wordt niet mee bedoeld dat de omstandigheid niet voorzienbaar was in de zin van: niet voorstelbaar.Het is zeer wel mogelijk dat een omstandigheid voorzienbaar was, maar in de zin van deze regeling,die de wettelijke regeling van artikel 6:258 BW volgt,niet voorzien,niet verdisconteerd was.Het gaat erom of partijen hebben gedacht aan de omstandigheid en er een voorziening voor getroffen hebben in de opdracht,al dan niet stilzwijgend.Hebben zij dat niet en treedt de omstandig­heid in,dan is er in de zin van deze regeling sprake van een onvoorziene om-Hoofdstuk 5

Algemene verplichtingen van partijen
standigheid.Stel dat een advies is gemaakt voor een woning,waarbij bepaald materiaal gebruikt moet worden en door een crisis op de wereldmarkt in de handel van dit materiaal ontstaat er een enorm tekort waardoor het materiaal niet meer voorhanden is,dan kan de opdrachtgever de adviseur niet meer houden aan de verplichting een uitvoerbaar ontwerp te maken met dit materiaal als onderdeel daarvan.Is nu in de opdracht niet voorzien in de mogelijkheid hoe nu te handelen,welk alternatief materiaal nu gebruikt zou kunnen worden,dan is er sprake van een onvoorziene omstandigheid in de zin van:deze omstandigheid is onvoorzien (ongeregeld) in deze opdracht. Op dit artikel kan een beroep gedaan worden,indien er sprake is van onvoor­ziene omstandigheden die van dien aard zijn dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding niet verwacht mag worden door de andere partij.Hiermee wordt tot uitdrukking gebracht dat het artikel alleen met grote terughoudendheid mag worden gehanteerd.Het uitgangspunt van het recht dat de opdracht beheerst is immers trouw aan het gegeven woord. Er moet dan ook,zoals door de wetgever opgemerkt in de memorie van toe­lichting op artikel 6:258 BW,sprake zijn van een onaanvaardbare toestand.
Artikel 11
Algemene verplichtingen van de adviseur
Beschikken over noodzakelijke kennis en kunde (lid 1 sub a)
Het is niet per se noodzakelijk dat de adviseur zelf kennis en kunde heeft,
omschreven in de opdracht.Aan de hand van dit stuk bepalen partijen wat de adviseur te doen staat.Dient de adviseur altijd in te staan voor hetgeen is over­eengekomen? Dat hangt er van af.De adviseur zal soms instaan voor een bepaald resultaat.Berekeningen mogen bijvoorbeeld geen rekenfout bevatten.Houdt de opdracht in dat een onzekere omgeving,bijvoorbeeld een bodem die niet goed te onderzoeken is voor aanvang van de uitvoeringswerkzaamheden,onderzocht moet worden,dan kan de adviseur niet voor het resultaat instaan,maar hij heeft aan zijn verplichting om goed en zorgvuldig te adviseren voldaan indien hij in de gegeven omstandigheden ‘zijn best heeft gedaan’.
Ramingen en begrotingen (lid 2)
Is aan de adviseur opgedragen om ramingen of begrotingen op te stellen,dan valt onder het goed en zorgvuldig uitvoeren van de opdracht tevens de verplichting deze naar beste vermogen op te stellen.Deze verplichting houdt niet in dat de adviseur ervoor instaat dat de begrotingen of ramingen ook voor 100% juist blij­ken te zijn.Deze verplichting kan uit zijn aard geen resultaatskarakter hebben, omdat altijd afgewacht dient te worden hoe het onderwerp van de begroting of raming,bijvoorbeeld een bouwwerk,uiteindelijk tot stand komt.Op die tot­standkoming wordt door meer betrokkenen invloed uitgeoefend dan alleen de adviseur.Wel staat de adviseur ervoor in naar beste vermogen te ramen of te begroten. De bepaling brengt mee dat de adviseur de opdrachtgever tijdig informeert omtrent het al dan niet passend zijn van het bedrag dat deze beschikbaar heeft voor het te realiseren ontwerp dat onderwerp is van de raming of begroting.

Vertrouwenspositie en onafhankelijkheid van de adviseur (lid 2)
De adviseur staat de opdrachtgever onafhankelijk en in een vertrouwenspositie terzijde.Hij vermijdt alles wat de onafhankelijkheid van zijn advies zou kunnen schaden.Dat de adviseur de opdrachtgever in een vertrouwenspositie terzijde staat,brengt een verzwaring van de verplichtingen die op de adviseur rusten met zich mee.De positie van de adviseur kan vergeleken worden met die van een advocaat of arts,die eveneens met hun cliënt een verhouding hebben,die van een ander karakter is dan die van bijvoorbeeld een leverancier.De onaf­hankelijkheid van de adviseur brengt met zich mee dat hij zijn advies geeft vrij van invloeden die met het advies niets te maken hebben.
Publiek- en privaatrechtelijke regelingen (lid 4)
Zonder kennis van regelgeving kan niet geadviseerd worden.Daarvoor is de invloed van regelgeving op het dagelijkse doen en laten ook van adviseurs te groot geworden.Dit betekent echter niet dat bij iedere opdracht van de adviseur wordt verwacht dat hij alle regelgeving paraat heeft.De bepaling beperkt de verplichting van kennis van de regelgeving:

–in de eerste plaats tot de eis van het rekening houden met privaat- en publiek­rechtelijke regelgeving tot de voor de opdracht van belang zijnde regelingen en

–in de tweede plaats tot regelingen,waarvan het bestaan van algemene bekend­heid onder adviseurs bekend mag worden verondersteld. Van adviseurs wordt niet verwacht dat zij alle regelingen ook daadwerkelijk

geheel kennen,maar wel wordt verwacht dat zij van het bestaan van regelgeving artikel 27 (opzegging op grond van toerekenbaar tekortkomen). die op hún opdracht betrekking heeft op de hoogte zijn.

In bezit stellen van documenten na einde opdracht (lid 9)

Een voorbeeld:in ziekenhuizen wordt gewerkt met radioactieve stoffen,die op De opdrachtgever kan er - bijvoorbeeld vanwege te plegen onderhoud - belang een gegeven ogenblik afvalstoffen worden en op de een of andere manier bij hebben dat hem beschrijvingen en tekeningen ter hand worden gesteld aan opgeslagen dienen te worden alvorens ze uit het ziekenhuis afgevoerd worden. het einde van de opdracht.De adviseur is op grond van het bepaalde in lid 9 dan De opslag van de radioactieve stoffen in de verschillende stadia is onderworpen ook verplicht om bij beëindiging van de opdracht de opdrachtgever in het bezit aan regelgeving.Van een bij het ziekenhuis betrokken ontwerper wordt niet ver-te stellen van de documenten,die voor deze van belang zijn.Het gaat niet om alle
wacht dat hij deze regelingen inhoudelijk kent,maar wel dat hij van het bestaan documenten die vervaardigd zijn tijdens de duur van de opdracht.Bij beëindiging weet.Hij wordt dan ook geacht kennis te nemen van deze regelgeving opdat hij dient niet alleen gedacht te worden aan voltooiing van de opdracht,maar ook de opdrachtgever juist en voldoende kan informeren.Hij zal,aangesproken aan beëindiging op andere gronden,zoals op grond van opzegging.
bijvoorbeeld omdat hij geen voorzieningen trof,geen verweer kunnen ontlenen aan de stelling dat hij nimmer een ziekenhuis ontwierp of aan de stelling dat deze regelgeving niet van algemene bekendheid is onder adviseurs.
Op de hoogte houden van de opdracht (lid 5)
De opdrachtgever is in hoge mate afhankelijk van de adviseur waar het de informatievoorziening betreft omtrent de uitvoering van de opdracht.Deze informatieverplichting is na de verplichting het advies zelf uit te brengen de belangrijkste verplichting van de adviseur. De adviseur:
–neemt zelf het initiatief tot het informeren van de opdrachtgever;
–verschaft desgevraagd,tijdig en naar beste vermogen alle inlichtingen die voor de opdrachtgever van belang kunnen zijn.

De opdrachtgever heeft recht op informatie,maar op hem rust wel de ge­houdenheid deze bevoegdheid uit te oefenen op een wijze die in overeen­stemming is met de ratio van deze bepaling.Het doel van de bepaling is immers te waarborgen dat de opdrachtgever weet wat de stand van zaken is met betrek­king tot de voortgang van de opdracht en dat hij niet voor verrassingen komt te staan op enigerlei moment.Wenst de opdrachtgever informatie die een ander doel dient of wenst hij informatie nog eens in andere vorm te krijgen eveneens voor een ander doel,dan is er sprake van een verzoek om inlichtingen dat buiten de ratio van deze bepaling om gaat.De adviseur kan dan stellen dat er sprake is van extra werkzaamheden en daarvoor kosten in rekening brengen.
Voltooiing van de opdracht (lid 6)
De adviseur is gehouden volgens het overeengekomen tijdschema de opdracht te vervullen.De tijdstippen,die in het tijdschema zijn opgenomen,zijn niet bedoeld als fatale termijnen.Dat wil zeggen dat het enkele verschijnen van het overeengekomen tijdstip terwijl de relevante werkzaamheden niet voltooid zijn, niet betekent dat de adviseur daarmee in verzuim is en dus aansprakelijk.Wil er sprake zijn van verzuim en mogelijk een toerekenbaar tekortschieten,dan is in ieder geval nodig dat:
–de opdrachtgever de adviseur schriftelijk in gebreke heeft gesteld;
–waarbij de adviseur een redelijke tijd geboden wordt om alsnog na te komen; en
–dat de adviseur aan de inhoud van de ingebrekestelling niet of niet tijdig gehoor gegeven heeft.

Wat een redelijke termijn is,is afhankelijk van de prestatie die van de adviseur verlangd wordt.
Is de ingebrekestelling op de juiste wijze uitgebracht en heeft de adviseur daar geen of niet tijdig gehoor aan gegeven terwijl hij geen beroep kan doen op over-macht,dan kan er sprake zijn van:
–aansprakelijkheid wegens toerekenbaar tekortschieten,zie artikel 13 en dientengevolge;
–de mogelijkheid om de opdracht op te zeggen op grond van het bepaalde in

De adviseur kan een vergoeding vragen voor het ter beschikking stellen van deze documenten. Het feit dat documenten in het bezit van de opdrachtgever worden gesteld, betekent niet dat daarmee het auteursrecht op wat in deze documenten is vast­gelegd overgaat op de opdrachtgever.Het auteursrecht is afzonderlijk geregeld in Hoofdstuk 11.
Waarschuwingsplicht (lid 10)
De opdrachtgever kan,zie artikel 12,ook verplichtingen op zich genomen heb­ben,bijvoorbeeld het ter beschikking stellen van de locatie waar gewerkt dient te worden of het ter beschikking stellen van bepaalde goederen.Daarnaast is de opdrachtgever op grond van lid 2 van artikel 12 verantwoordelijk voor zowel de juistheid als de tijdige verstrekking van inlichtingen,gegevens en beslissingen,die nodig zijn voor het naar behoren vervullen van de opdracht door de adviseur. De adviseur is verplicht te waarschuwen indien deze inlichtingen,gegevens dan wel beslissingen afkomstig van de opdrachtgever klaarblijkelijk zodanige fouten bevatten of gebreken vertonen dat de adviseur in strijd zou handelen met de eisen van redelijkheid en billijkheid als hij zonder waarschuwing zou voort­bouwen op die inlichtingen,gegevens of beslissingen.
Wat de waarschuwingsplicht in een concreet geval precies meebrengt,is niet in algemene zin aan te geven;ieder geval zal zijn eigen concrete omstandigheden kennen.In ieder geval speelt de deskundigheid bij ieder der partijen een be­langrijke rol.
de gegevens niet te bewaren indien en voor zover deze zijn overgedragen aan de – schriftelijk in gebreke te stellen en opdrachtgever,zie lid 13. – hem daarbij een redelijke termijn te gunnen om aan zijn verplichting Indien de opdrachtgever in de vijfjaars periode documenten opvraagt,stelt de alsnog te voldoen. adviseur deze ter beschikking.De adviseur kan daar een vergoeding voor vragen.
Ontwerpen en bescheiden goedkeuren en waarmerken (lid 3)

De bewaarplicht die in artikel 11 aan de orde is,is niet dezelfde als de bewaar-De opdrachtgever is verplicht ontwerpen en andere documenten tijdig te plicht die de adviseur jegens de fiscus heeft.Ook dient deze bewaarplicht onder-beoordelen en na goedkeuring desgewenst te waarmerken.De opdrachtgever scheiden te worden van het bewaren,uit eigen belang,van gegevens in verband die de adviseur hiermee onnodig laat wachten ,kan voor de gevolgen hiervan
met bijvoorbeeld de mogelijkheid om zich te kunnen verweren in geval van een aansprakelijk gesteld worden,omdat dit mogelijk een toerekenbare tekort­aansprakelijkheidsstelling. koming is.
Artikel 12 Een waarschuwing zal duidelijk en bij voorkeur schriftelijk gegeven dienen te worden opdat discussie achteraf zoveel mogelijk voorkomen wordt.
Indien de adviseur zijn waarschuwingsplicht heeft geschonden dan komen de volgende bepalingen in beeld:
–artikel 13 (de toerekenbare tekortkoming) en
–de daaruit voortvloeiende schadeplichtigheid,(zie artikel 14);
–artikel 27 (opzegging op grond van een toerekenbare tekortkoming) en
de daaraan gekoppelde artikelen omtrent gevolgen van de opzegging (artikelen 33 en 34).

Indien de opdrachtgever geen acht slaat op de waarschuwing zijn de gevolgen indien zich het risico waartegen gewaarschuwd werd,voordoet,voor rekening van de opdrachtgever.Het kan onder omstandigheden,bijvoorbeeld indien de veiligheid of dwingende regelgeving onderwerp van de waarschuwing was,zo zijn dat de adviseur moet weigeren uitvoering te geven aan de opdracht op het onderdeel waar zijn waarschuwing betrekking op had.
Bewaren van gegevens (lid 11,lid 12 en lid 13)
Bepaalde gegevens dienen bewaard te blijven door de adviseur voor een periode van vijf jaar vanaf de dag dat de opdracht is geëindigd.De bewaartermijn gaat in op de dag waarop de opdracht is beëindigd.In artikel 16 wordt in de leden 5 tot en met 7 aangegeven welke dag als dag van beëindiging geldt.De adviseur hoeft
Algemene verplichtingen van de opdrachtgever
Gedragen als goed en zorgvuldig opdrachtgever (lid 1)
Tussen opdrachtgever en adviseur bestaat een rechtsverhouding die van een ander karakter is dan de rechtsverhouding tussen bijvoorbeeld een leverancier en een opdrachtgever.Dit brengt voor de adviseur gevolgen met zich mee,maar ook voor de opdrachtgever. Een voorbeeld van gedrag van een opdrachtgever in strijd met deze bepaling, wordt gevormd door het geval dat de opdrachtgever aan de adviseur de eis stelt af te wijken van dwingende regelgeving of dat ondanks negatief advies van de adviseur de opdrachtgever toch in zee gaat met een derde.
Tijdige en juiste verstrekking inlichtingen etc.en verantwoordelijk­heid daarvoor (lid 2 en lid 3)
Overeenkomstig het beginsel dat een handelende persoon in beginsel aan­sprakelijk is voor de gevolgen van zijn handelen wordt in lid 2 bepaald dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor het tijdig en juist verstrekken van in-lichtingen,gegevens en beslissingen.Deze opsomming is niet limitatief,indien in een bepaald geval de opdrachtgever nog andere verplichtingen op zich heeft genomen,alsdan is hij ook voor de tijdige en deugdelijke naleving van die ver­plichtingen verantwoordelijk.Deze verantwoordelijkheid van de opdrachtgever betekent niet dat de adviseur zonder meer kan voortbouwen op deze inlich­tingen etc.,artikel 11 lid 12 legt op hem immers een waarschuwingsplicht, zie daarvoor de toelichting op die bepaling. De inlichtingen etc.hoeven niet altijd van de opdrachtgever zelf te komen; de opdrachtgever is eveneens verantwoordelijk voor inlichtingen die door iemand worden verschaft in zijn naam of op zijn verzoek.In de relatie opdracht­gever-adviseur is de opdrachtgever voor dergelijke informatie,ook al is deze niet letterlijk door de opdrachtgever zelf verstrekt doch namens hem,evenzeer ver­antwoordelijk.Het kan hier bijvoorbeeld gaan om een van de andere bij het pro­ject betrokken participanten.
De mate waarin de opdrachtgever de adviseur dient te voorzien van inlichtingen en gegevens is afhankelijk van iedere concrete opdracht.Richtlijn zal zijn dat inlichtingen en gegevens die de adviseur op makkelijke wijze zelf kan verkrijgen door hem zelf verkregen worden.Inlichtingen en gegevens,die echter alleen van de opdrachtgever verkregen kunnen worden,dienen door deze,tijdig,verstrekt te worden aan de adviseur.Waar artikel 12 lid 7 bepaalt dat de adviseur eerst verder kan gaan met een volgende fase nadat hij toestemming daartoe heeft verkregen van de opdrachtgever dient de opdrachtgever deze toestemming zo te geven dat de werkzaamheden van de adviseur niet nodeloos vertraagd worden.Het spreekt voor zich dat de opdrachtgever enige tijd gegund dient te worden om tot een afgewogen beslissing te komen.
Het niet naleven van deze verplichting kan een toerekenbare tekortkoming van de opdrachtgever zijn.De adviseur dient de opdrachtgever echter wel eerst:
Waarschuwingsplicht opdrachtgever (lid 4)
De opdrachtgever is niet verplicht om adviezen daadwerkelijk te controleren. De adviseur is immers zelf verantwoordelijk voor het juist vervullen van de opdracht,zie artikel 11 lid 2.Constateert de opdrachtgever echter daad­werkelijk een tekortkoming (criterium één) of moet hij zich daarvan bewust geweest zijn (criterium twee),dan is hij gehouden de adviseur daarvoor te waarschuwen.Met het criterium ‘zich daarvan bewust moet zijn geweest’ wordt niet bedoeld dat de opdrachtgever de tekortkoming had behoren op te merken. Zou het tweede criterium zó geformuleerd zijn,dan zou daar sneller aan voldaan zijn,dan aan het criterium zoals het in de regeling is geformuleerd:‘zich daarvan bewust geweest zijn’.Het in de regeling opgenomen criterium is een feitelijk criterium,terwijl het criterium ‘had behoren op te merken’ normatief van aard is.Het criterium ‘zich daarvan bewust moet zijn geweest’ kan de adviseur
inroepen wanneer hij zich in een situatie bevindt,waarin hij niet kan bewijzen dat de opdrachtgever een tekortkoming daadwerkelijk constateerde,maar in welke situatie de feiten wel zo liggen dat aangenomen kan worden dat de opdracht-gever de tekortkoming geconstateerd heeft.De waarschuwingsplicht die op de opdrachtgever rust,gaat dan ook minder ver dan de waarschuwings­plicht die op de adviseur uit hoofde van artikel 11 lid 12 rust. Wat is rechtens indien vaststaat dat de opdrachtgever zijn waarschuwingsplicht geschonden heeft? Staat vast dat de schending een toerekenbare tekortkoming van de opdrachtgever is,dan mag de adviseur op die grond opzeggen,zie artikel 27 en artikelen 37 en 38,op grond van welke regeling de adviseur aanspraak kan hebben op een bijbetaling van 10%.Daarnaast kan de schending van de waar-Hoofdstuk 6

Aansprakelijkheid van de adviseur
schuwingsplicht met zich mee brengen dat de adviseur niet voor alle schade die nu ontstaan is (want het was wel een fout van hem waarvoor de opdrachtgever naliet te waarschuwen),hoeft op te komen.Geoordeeld kan worden dat er sprake is van medeveroorzaking van de schade door de opdrachtgever.Tot slot kan er mogelijk nog schade ontstaan aan de zijde van de adviseur door dit nala­ten;voor de schade is de opdrachtgever mogelijk aansprakelijk,daarvoor dient het burgerlijk wetboek geraadpleegd te worden.
Met de term ‘bekwame tijd’ wordt bedoeld dat enige tijd genomen mag worden indien dit nodig is voor onderzoek of beraad.
Vertegenwoordiging van de opdrachtgever (lid 5)
Hoewel de opdrachtgever niet verplicht is tot het aanstellen van een vertegen­woordiger is dit zeker bij opdrachtgevers die uit een grote organisatie bestaan, aan te raden.Op die manier is voor de adviseur duidelijk met wie hij afspraken kan maken.
Artikel 13
Aansprakelijkheid van de adviseur voor toerekenbare tekortkomingen
Vereisten voor aansprakelijkheid (lid 1)
De adviseur die toerekenbaar tekortgeschoten is (dat wil zeggen:hij begaat

een tekortkoming,die een goed en zorgvuldig handelend adviseur onder de bare tekortkoming van deze persoon niet aansprakelijk. betreffende omstandigheden en met inachtneming van normale oplettendheid Zie voor dit geval artikel 14 lid 5.Het is wel zo,dat de waarschuwingsplicht van en met voor de opdracht vereiste vakkennis en middelen uitgerust heeft kunnen de adviseur,zie artikel 11 lid 10,ook betrekking heeft op deze persoon.Schrijft en moeten vermijden),is daar niet ook per definitie voor aansprakelijk.Aan de de opdrachtgever een persoon voor,van wie de adviseur weet,dat deze persoon volgende eisen dient namelijk ook nog voldaan te zijn: niet voldoende bekwaam is,dan is de adviseur gehouden de opdrachtgever hier­
–de opdrachtgever dient de adviseur schriftelijk in gebreke te stellen en omtrent te waarschuwen.
–hem daarbij een redelijke termijn te stellen om de gevolgen van de tekortkoming te herstellen en bovendien Artikel 14
–de adviseur heeft aan deze sommatie niet of niet tijdig voldaan. Schadevergoeding

De ingebrekestelling dient schriftelijk plaats te vinden.Wordt de ingebreke-Algemeen
stelling per e-mail of fax verzonden, dan is er net als bij een ingebrekestelling in de vorm van een brief voldaan aan de eis van een geschrift.De stelplicht en de bewijslast dat de ingebrekestelling is uitgebracht,rusten op de opdrachtgever. De ingebrekestelling heeft pas effect op het moment dat deze de adviseur bereikt.Het ligt dan ook voor de hand om met het oog daarop de ingebrekestel­ling uit te brengen middels een aangetekend schrijven of desnoods per deur­waarders-exploit. Wat dient de ingebrekestelling te bevatten?
–een duidelijke omschrijving van de tekortkoming;
–een duidelijke omschrijving van wat van de adviseur wordt verlangd;
–een duidelijke omschrijving van de grondslag van hetgeen wordt verlangd; – op welke termijn wat van de adviseur wordt verwacht;
–de aansprakelijkstelling voor het geval de adviseur alsnog niet of niet tijdig nakomt.

De te stellen termijn dient redelijk te zijn,daarbij moet rekening worden gehouden met wat van de adviseur wordt verlangd en de omstandigheden van het concrete geval, zoals bijvoorbeeld weersomstandigheden of voorbereidingen die getroffen moeten worden (waarbij uiteraard wel een rol kan spelen dat deze al getroffen hadden moeten worden). De adviseur is aansprakelijk voor zijn toerekenbare tekortkoming op het moment dat hij niet aan de ingebrekestelling gehoor heeft gegeven,pas op dat moment wordt hij aansprakelijk.Voor zover vertragingsschade gevorderd kan worden,gaat de berekening daarvan pas op dat moment lopen.
De ingebrekestelling hoeft niet in alle gevallen uitgebracht te worden.Is van een termijn bijvoorbeeld afgesproken (in afwijking van wat volgt uit deze regeling) dat deze fataal is,dan is het enkele verschijnen van die datum zonder dat het werk verricht is dat verricht zou worden,voldoende om in verzuim te zijn. Omdat echter niet altijd duidelijk is of een termijn wel fataal is,is het aan te raden om altijd een schriftelijke ingebrekestelling te doen uitgaan.De gevolgen die aan het niet-uitbrengen van een ingebrekestelling,terwijl deze wel uitgebracht had moeten worden,worden verbonden,zijn ingrijpend,zoals nu uiteengezet wordt. Wat is rechtens als de opdrachtgever geen ingebrekestelling uitbrengt? Dan is de adviseur in beginsel niet aansprakelijk ook al is er sprake van een toerekenbare tekortkoming.
Aansprakelijkheid voor andere personen (lid 2)
De adviseur zal – en mag dat ook,zie immers artikel 5 – vaak een andere per­soon bij zijn opdracht inschakelen.Deze andere personen kunnen medewerkers van de adviseur zijn of personen die dat niet zijn en wel of niet zijn voorge­schreven door de opdrachtgever. Maakt de medewerker of de persoon die wordt ingeschakeld door de adviseur en die niet is voorgeschreven door de opdrachtgever een rekenfout en is dit een toerekenbare tekortkoming,dan is de adviseur jegens de opdrachtgever voor deze tekortkoming aansprakelijk alsof hij zelf tekortschoot. De kaarten liggen anders indien een andere persoon (geen medewerker) wordt voorgeschreven door de opdrachtgever;dan is de adviseur voor een toereken-
Is er sprake van een toerekenbare tekortkoming door de adviseur, dan kan de opdrachtgever schadevergoeding vorderen.De opdrachtgever kan er ook voor kiezen de opdracht op te zeggen,zie artikel 25 of naast de opzegging ook nog schadevergoeding te vorderen,zie artikel 27 lid 3.In artikel 14 wordt de schade­vergoeding geregeld. Artikel 14 regelt alleen de schadevergoedingsplicht rustend op de adviseur. De schadevergoedingsplicht rustend op de opdrachtgever is onderworpen aan de wettelijke regeling.
Directe schade (leden 1 en 2)
Staat vast dat de adviseur toerekenbaar tekort is gekomen,dan bepaalt artikel 14 wat de omvang van die aansprakelijkheid is.In het eerste lid wordt bepaald,dat de adviseur aansprakelijk is voor de directe schade die door de opdrachtgever geleden wordt.Wat directe schade is,wordt niet gedefinieerd;dit is aan arbiters gelaten.In het tweede lid wordt een niet uitputtende opsomming gegeven van voorbeelden van schade die in ieder geval niet tot de directe schade horen en waarvoor de adviseur dan ook niet aansprakelijk is.Op grond van het bepaalde in de leden 6 en 7 kan hiervan worden afgeweken,maar dan dient aan de vereisten gesteld in die leden te zijn voldaan,zie de toelichting op deze leden.
Een voorbeeld van de leden 1 en 2:
Stel:de adviseur ontwerpt een koelinstallatie,en nadat de opdrachtgever zijn voorraad verse groenten erin heeft opgeslagen,raakt de installatie buiten werking. De groenten bederft vervolgens doordat de temperatuur omhoog is gegaan.

Vaststaat dat er een toerekenbare tekortkoming van de adviseur is.Onder de directe schade die de adviseur dient te vergoeden,valt:
–de schade aan de koelinstallatie (zie voor de vraag hoe die hersteld dient te worden lid 3). Buiten de directe schade vallen:
–de schade aan de groenten veroorzaakt door de te hoge temperatuur (dit is bedrijfsschade);
–de kosten die gemaakt moeten worden om de installatie te herstellen indien deze kosten ook gemaakt zouden zijn als de opdracht van de aanvang af goed zou zijn uitgevoerd. Deze laatste posten komen in beginsel niet voor vergoeding in aanmerking.De schade,waarvoor de adviseur of opdrachtgever aansprakelijk is,hoeft niet per se door de andere partij geleden te zijn.Ook derden (dat wil zeggen:zij die buiten de contractuele relatie opdrachtgever-adviseur staan) kunnen schade lijden als gevolg van een tekortkoming van opdrachtgever of adviseur.Men denke aan bijvoorbeeld de omwonende die schade aan zijn woning lijdt als gevolg van de tekortkoming die toe te rekenen is aan een ontwerpfout,of de door de opdrachtgever ingeschakelde aannemer,die vertragingsschade lijdt omdat de adviseur te laat met zijn berekeningen komt.Deze schade kan de opdrachtgever, die is aangesproken door de omwonende of de aannemer,verhalen op de adviseur.Ook voor het verhaal van deze schade geldt,dat deze direct moet zijn.

Herstel door de adviseur (lid 3)

De adviseur is bevoegd de tekortkoming zelf te (laten) herstellen of de schade vallen dekking voor de gevolgen van ontwerpfouten die zich manifesteren in de die er een gevolg van is te (laten) beperken of op te heffen.Hij dient dat wel in onderhoudsperiode. goed overleg met de opdrachtgever te doen.Stel dat een ontwerp veel duurder Een voorbeeld van een met de CAR-verzekering gelijk te stellen verzekering is uitpakt dan de uitvoeringskosten die ten naaste bij zijn overeengekomen (zie de Bodemsaneringsverzekering.Een handig hulpmiddel bij vragen van artikel 2 lid 3 sub k),dan is dat een tekortkoming die hersteld kan worden door-verzekeringsrechtelijke aard wordt gevormd door de Leidraad en Checklist dat de adviseur het ontwerp herziet.Uiteraard worden voor dit herstel geen CAR- en Aansprakelijkheidsverzekeringen uitgegeven door AVBB,BNA en ONRI. advieskosten in rekening gebracht.Is de adviseur niet in staat het herstel te plegen,bijvoorbeeld omdat de ontwerpfout inmiddels gevolgen in de uitvoer-Artikel 15
ingsfase heeft gekregen,dan kan de opdrachtgever zelf tot het herstel Omvang van de schadevergoeding overgaan door de aannemer daartoe opdracht te geven,en de kosten die daarmee gemoeid zijn,indien er sprake is van directe schade,te verhalen op de adviseur. Ten hoogste gelijk aan advieskosten (lid1)
Bevoegdheidsoverschrijding (lid 4)
De adviseur die zijn bevoegdheid overtreedt door bijvoorbeeld een opdracht voor werkzaamheden te verlenen aan een aannemer die het bedrag waarvoor hij bevoegd is dat te doen,te boven gaat,schiet toerekenbaar te kort en is aan­sprakelijk voor de directe schade die de opdrachtgever daardoor lijdt. Deze bepaling dient gelezen te worden in samenhang met artikel 7 lid 1.Daar wordt bepaald dat in een aantal gevallen de adviseur wel zijn schriftelijk omschreven bevoegdheid overschreed,maar dat dat hem toch niet kan worden verweten. In die gevallen kan de adviseur dan ook niet aansprakelijk gehouden worden voor het overtreden van zijn bevoegdheid.Dit doet zich bijvoorbeeld voor als de opdrachtgever de adviseur uitdrukkelijk toestemming gaf voor de opdracht aan de aannemer.
Cessie (lid 5)
De adviseur die met een voorgeschreven persoon wordt geconfronteerd,die niet,niet tijdig of niet deugdelijk presteert,dient te proberen bij deze de schade die hij daardoor lijdt vergoed te krijgen.Lukt het niet om alle schade vergoed te krijgen dan wordt het resterende deel door de opdrachtgever aan de adviseur vergoed.In ruil daarvoor draagt de adviseur zijn vordering op de tekortschieten­de voorgeschreven persoon over aan de opdrachtgever,opdat de opdrachtgever de tekortschietende persoon op zijn beurt nog eens kan aanspreken.Dit over­dragen van de vordering die de adviseur op de voorgeschreven persoon heeft, heet cederen.
Andere schaden (lid 7)
In beginsel is de aansprakelijkheid van de adviseur beperkt tot de in artikel 14 genoemde schaden.Gaat het plegen van een toerekenbare tekortkoming gepaard met opzet of grove onzorgvuldigheid dan strekt de aansprakelijkheid van de adviseur zich ook uit over andere schaden.Een voorbeeld is de schade aan de groenten veroorzaakt door de verkeerde temperatuur in het hiervoor gegeven voorbeeld van de koelinstallatie.Deze niet directe schade zou in geval van opzet of grove onzorgvuldigheid wel voor vergoeding in aanmerking komen.
Verzekering (lid 8)
In geval van uitvoering van een object (product van stoffelijke aard) zal door of voor rekening van de opdrachtgever in het algemeen een verzekering (een gebruikelijke CAR-verzekering of een daarmee gelijk te stellen verzekering) worden afgesloten.In dat geval is schade,waarvoor de adviseur aansprakelijk is, vaak geheel of ten dele gedekt door deze verzekering.Voor zover dat het geval is,is de adviseur niet aansprakelijk.Het gaat in deze bepaling om een gebruike­lijke verzekering waarop de adviseurs zijn meeverzekerd,niet om de verzekering die daadwerkelijk is afgesloten.Onder een gebruikelijke verzekering vallen mate­riële schade aan het object,aansprakelijkheid verband houdende met de uitvoe­ring van het object,schade aan eigendommen van de verzekerde opdrachtgever en de schade die een gevolg is van aansprakelijkheid van de verschillende deel­nemers jegens elkaar;de schade kan veroorzaakt zijn door de verschillende deelnemers aan de uitvoering van het object.Ook dient onder de verzekering te
De hoofdregel is dat de aansprakelijkheid van de adviseur voor een toereken­bare tekortkoming ten hoogste gelijk is aan de advieskosten.Onder advies­kosten wordt verstaan:het honorarium (dat is de vergoeding die de adviseur toekomt voor zijn werkzaamheden) en de kosten (kosten zijn toezichtskosten en bijkomende kosten);de advieskosten worden nader uitgewerkt in hoofdstuk 12;tevens dient acht geslagen te worden op de bepalingen inzake de opzegging. Gaat de toerekenbare tekortkoming gepaard met een opzegging,dan dient bere­kend te worden op welke advieskosten de adviseur aanspraak heeft (onder omstandigheden is het mogelijk dat een korting daarop wordt toegepast).De uitkomst van die berekening is bepalend voor de omvang van de schadeplichtig­heid van de adviseur. De advieskosten worden berekend zonder de omzetbelasting,voor de bepaling van de hoogte van de schadeplichtigheid blijft de BTW dan ook buiten beschou­wing;zie voor de BTW het bepaalde in artikel 49 lid 3.
Stel dat de advieskosten € 33.000 bedragen en de schade € 45.000,dan is de adviseur aansprakelijk voor € 33.000. Bedragen de advieskosten meer dan € 1.000.000,dan is de omvang van de aansprakelijkheid gelijk aan € 1.000.000,dit is een uitzondering op de hoofdregel. Het gaat om de advieskosten die de opdrachtgever voor de opdracht ver­schuldigd is;of deelopdrachten als onderdeel van één opdracht aangemerkt dienen te worden is niet in algemene zin te zeggen.Arbiters of rechters zullen zulks in voorkomende gevallen dienen te beslissen.

Consument als opdrachtgever (lid 2)
Het in lid 1 beschreven regime is niet van toepassing indien de opdrachtgever een consument is.Een consument is een natuurlijke persoon die niet handelt in de uitoefening van beroep of bedrijf.Is de opdrachtgever een consument én zijn de advieskosten lager dan € 75.000,dan is de maximaal te vergoeden schade gelijk aan € 75.000.Stel dat de advieskosten € 2.000 bedragen en de schade € 45.000,dan omvat de aansprakelijkheid € 45.000. Is de opdrachtgever een consument in de gegeven betekenis van het woord, maar gaat het om een opdracht waarvan de advieskosten meer omvatten dan € 75.000,dan is het bepaalde in het eerste lid van toepassing.
Artikel 16
Aansprakelijkheidsduur en vervaltermijnen
Verval van de aansprakelijkheid (lid 1)
Verval van de aansprakelijkheid van de adviseur wil zeggen dat de opdrachtgever na de genoemde vervaltermijn niet meer de bevoegdheid heeft de adviseur aan te spreken;anders gezegd het recht om de adviseur aan te spreken is teniet­gegaan. Een vervaltermijn kan niet gestuit of verlengd worden,dat wil zeggen dat de opdrachtgever het lopen van de vervaltermijn niet kan tegenhouden of juist verlengen. Van belang is voorts dat men zich realiseert dat het verstreken zijn van deze

termijn (evenmin als dat bij de andere termijnen van dit artikel het geval is) niet termijn gebonden. inhoudt dat het scheidsgerecht niet meer bevoegd is.Artikel 58 lid 2 bepaalt immers dat alle geschillen,naar aanleiding van de opdracht ontstaan,aan arbitra-Rechtsvordering niet ontvankelijk (lid 4) ge zijn onderworpen. De mogelijkheid om de adviseur in rechte te betrekken voor een toerekenbare De aansprakelijkheid van de adviseur is in de tijd beperkt tot een periode van vijf tekortkoming is na verloop van vijf jaar vanaf de dag van de beëindiging door jaren vanaf de dag dat de opdracht door voltooiing of opzegging is geëindigd. voltooiing dan wel door opzegging van de opdracht uitgesloten:na deze vijf jaar Wat onder dag van beëindiging verstaan dient te worden,wordt geregeld in is de rechtsvordering niet meer ontvankelijk.Dit betekent dat de opdrachtgever leden 5,6 van dit artikel.Wordt de adviseur na verloop van de vijf jaar aange-die bijvoorbeeld een paar maanden vóór het einde van deze vijf jaar een tekort­
sproken,dan dient hij zelf aan te geven dat hij een beroep doet op deze bepaling koming ontdekt waarvoor hij de adviseur aansprakelijk wil stellen,zo snel en dus niet aansprakelijk is.Een arbiter of rechter kan ambtshalve (zonder dat mogelijk de adviseur in gebreke dient te stellen (zie het bepaalde in lid 2) en hem dat wordt gevraagd) aan deze contractuele vervaltermijn geen toepassing voor de zekerheid vast een vordering aanhangig dient te maken opdat geen
geven.Laat de adviseur na om de rechter/arbiter op dit verval te wijzen,dan is van verval van de aansprakelijkheid geen sprake.De adviseur die in rechte betrokken wordt door een opdrachtgever terwijl de termijn van de aansprake­lijkheid is verlopen,doet er dan ook goed aan om vóór alle andere weren die hij aanvoert tegen de vordering van de opdrachtgever,te wijzen op het vervallen zijn van het vorderingsrecht.
Rechtsvordering uit hoofde van een toerekenbare tekortkoming
(lid 2)

De opdrachtgever die ontdekt dat de adviseur toerekenbaar tekortgekomen is of die het toerekenbaar tekortschieten redelijkerwijs had behoren te ont­dekken,dient:
–met bekwame spoed;
–schriftelijk en met redenen omkleed de adviseur in gebreke te stellen (zie voor de eisen te stellen aan een ingebrekestelling artikel 13 lid 1). Met bekwame spoed wordt bedoeld dat de opdrachtgever enige tijd heeft om de adviseur schriftelijk in gebreke te stellen.Hoeveel tijd acceptabel is,is afhanke­lijk van de omstandigheden van het geval,waarbij gedacht kan worden aan de ingewikkeldheid en/of de ernst van het probleem.Wacht de opdrachtgever te lang met het uitbrengen van een ingebrekestelling dan is een rechtsvordering (het aanhangig maken van het geschil in rechte) niet ontvankelijk met als gevolg dat de schade niet voor rekening van de adviseur komt.Maar ook hier geldt dat de adviseur in de gaten moet houden dat hij eventueel de kwestie van het niet in acht nemen van de bekwame spoed bij de arbiter/rechter aan de orde stelt.

Verval van het vorderingsrecht (lid 3)
Stel dat de opdrachtgever gehandeld heeft overeenkomstig het bepaalde in lid 2, hij heeft inderdaad de ingebrekestelling met bekwame spoed na het ontdekken van de tekortkoming uitgebracht,dan is hij vervolgens gehouden om met het instellen van de rechtsvordering (het aanhangig maken in rechte) niet te lang te wachten:wacht hij langer dan twee jaar na het uitbrengen van de ingebreke­stelling,dan vervalt het vorderingsrecht om de adviseur nog aansprakelijk te houden voor de toerekenbare tekortkoming en kan geen rechtsvordering meer worden ingesteld. Dit betekent dat in een concreet geval dat de rechtsvordering,die volgens de hoofdregel van lid 4,eerst vijf jaar na beëindiging niet ontvankelijk is,mogelijk al eerder niet ontvankelijk is,omdat het vorderingsrecht is vervallen.Stel bijvoor­beeld: dat twee maanden na voltooiing de opdrachtgever een tekortkoming ontdekt, hij brengt met bekwame spoed een schriftelijke,gemotiveerde ingebreke­stelling uit,omdat de adviseur niet tijdig met een deugdelijke oplossing komt, maakt de opdrachtgever binnen twee jaar de rechtsvordering op de adviseur aanhangig teneinde verval van het vorderingsrecht te voorkomen.Wordt de rechtsvordering eerst na die twee jaar ingesteld,dan geldt het bepaalde in lid 4: niet ontvankelijkheid. Wederom:de adviseur moet het verstrijken van de termijn aan de orde stellen. De rechtsprekende mag dit niet ambtshalve doen. Met andere woorden ook het instellen van de rechtsvordering is aan een verval­
risico gelopen wordt dat arbiter of rechter constateert dat de vijf jaar na be­eindiging verlopen zijn en de rechtsvordering niet ontvankelijk.Maar ook voor dit onderwerp geldt:als de adviseur niet zelf een beroep doet op het feit dat de vijf jaar verstreken zijn,dan is hij dat verweermiddel kwijt,want ook hier geldt dat op deze contractuele vervaltermijn geen ambtshalve beroep gedaan mag worden door arbiter/rechter.
Beëindigingsdag (leden 5,6)
De term beëindiging is de overkoepelende term voor de verschillende manieren waarop de opdracht tot een einde kan komen.Met dag van beëindiging wordt bedoeld de dag waarop de opdracht eindigt hetzij door voltooiing hetzij door opzegging of ontbinding.Opzegging wil zeggen dat een partij eenzijdig de opdracht beëindigt.In deze regeling zijn de opzeggingsgronden uitputtend ge­regeld in hoofdstuk 9.Ontbinding is een beëindigingswijze waarvan gebruik gemaakt kan worden volgens het Burgerlijk Wetboek indien er sprake is van een tekortkoming van de wederpartij.In deze regeling is die wijze van beëindiging uitgesloten behalve voor consumenten,zie artikel 22.
Artikel 17
Overige bepalingen verband houdende met schadevergoeding
Recht op schadevergoeding en verplichting te betalen (lid 1)
Het enkele feit van de schadeplichtigheid van de adviseur betekent niet dat de opdrachtgever ontslagen is van zijn verplichting de adviseur te betalen zoals

overeengekomen voor dat deel van de werkzaamheden dat wel juist verricht is. De verplichtingen kunnen wel met elkaar verrekend worden. Wat de opdrachtgever verschuldigd is aan de adviseur is mede afhankelijk van de vraag of hij in de toerekenbare tekortkoming aanleiding ziet op te zeggen. Zie voor de betalingsregeling in geval van een opzegging op grond van een toe­rekenbare tekortkoming artikel 27.
Detachering (leden 2 en 3)
De adviseur die een medewerker detacheert bij de opdrachtgever heeft op het handelen van deze medewerker geen of minder toezicht.Om die reden is de aansprakelijkheid van de adviseur voor deze persoon beperkt tot de toegezegde kwaliteit van deze persoon,en is deze in de tijd beperkt tot de overeengekomen duur van de detachering.Veroorzaakt de gedetacheerde persoon schade,die niet is terug te voeren op het gebrek aan toegezegde kwaliteit,dan is de adviseur voor die schade niet aansprakelijk.
Aansprakelijkheid voor aan opdrachtgever ter beschikking gestelde personen (lid 4)
Aangenomen wordt dat de opdrachtgever aan de hem ter beschikking gestelde personen leiding geeft en/of controleert en dat de adviseur,die personen ter beschikking stelt,op het handelen van deze personen geen invloed uitoefent. Om die reden bepaalt lid 4 dat de opdrachtgever niet alleen aansprakelijk jegens derden is voor door deze personen veroorzaakte schade,maar dat hij ook de Hoofdstuk 8

Bepalingen van toepassing op opzeggingen
Schadeplichtigheid opdrachtgever (lid 2)
Is de vertraging of onderbreking niet aan de adviseur toe te rekenen,dan heeft hij tevens recht op schadevergoeding.De schade die de adviseur kan lijden wordt wel afbreukrisico genoemd of mobilisatie- en demobilisatiekosten. De adviseur is gehouden zijn schade zoveel mogelijk te beperken.Bij een onder­breking waarvan te verwachten is dat er een langdurige vertraging op zal volgen, mag verwacht worden dat de adviseur bijvoorbeeld probeert zijn medewerkers op een andere opdracht in te zetten.Laat hij dat toerekenbaar na,dan zal hij niet al zijn schade op de opdrachtgever kunnen verhalen.
Herzien advieskosten (lid 3 in samenhang met artikel 55 lid 3)
Als de vertraging of onderbreking leidt tot een wijziging in uitgangspunten of andere omstandigheden die ten grondslag lagen aan de opdracht,dan kan dit grond zijn om in overleg de advieskosten te herzien.
Artikel 21
Wijze van opzeggen
Wijze van opzeggen (lid 1)
De datum van opzegging kan gelijkluidend zijn aan de dag van de opzeggings­mededeling dan wel daarna liggen.Wat niet kan,is aan de opzegging terug­werkende kracht verlenen.

adviseur vrijwaart,mocht de adviseur door derden worden aangesproken in dit Ontbreken gronden (lid 2) geval. De regeling verbindt aan de verschillende opzeggingsgronden verschillende gevolgen.Het is daarom van belang aan te geven op welke grond wordt opgezegd. Artikel 18 Laat de opzeggende partij dit na,dan geldt de opzegging als een in de zin van Opdrachtgever is consument artikel 24,de opzegging zonder grond.De gevolgen daarvan zijn geregeld in artikel
33 en 34 voor wat betreft de opdrachtgever en in artikel 35 en 36 voor de adviseur. De wet voorziet in een bescherming van de consument door soms aan te geven dat regelingen van een bepaalde inhoud onredelijk bezwarend zijn en desgewenst Artikel 22
vernietigd zullen worden.De bevoegdheid die deze bepalingen aan de consument Ontbinding van de opdracht geeft,wordt in deze regeling op twee plaatsen geconcretiseerd. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat waar deze concretisering ontbreekt, Het stelsel van beëindiging van de opdracht is in deze regeling uitputtend het uiteraard niet het oogmerk van deze regeling is genoemde bevoegdheid te geregeld,behalve voor de consument.De hoofdregel is dat opgezegd kan
Hoofdstuk 7
Onderbreking,vertraging en gevolgen daarvan
verminderen.De bepalingen in deze regeling waar de bescherming van de con­sument expliciet wordt genoemd zijn de artikelen 18 en 22 lid1. Artikel 18 houdt met deze bescherming rekening,door te bepalen dat dit hoofdstuk, betreffende de aansprakelijkheid van de adviseur,van toepassing is tenzij het bepaalde als onredelijk bezwarend kan worden aangemerkt.Onderdelen die na een vernietigingsactie als onredelijk zijn aangemerkt,maken (met terugwerkende kracht) geen deel uit van de opdracht tussen partijen.
Artikel 20
Gevolgen van vertraging of onderbreking van de opdracht
Betalingsverplichting (lid 1)
In geval van vertraging of onderbreking van de opdracht heeft de adviseur de bevoegdheid om te declareren,terwijl dat op grond van een mogelijk overeen­gekomen betalingsschema nog niet aan de orde was.Voorwaarde is wel dat de vertraging of onderbreking niet aan hem zijn toe te rekenen.Het ijkpunt voor de berekening wordt gevormd door de stand van de werkzaamheden op het moment dat de adviseur declareert.Een voorbeeld van de in sub d genoemde ‘redelijkerwijs gemaakte en nog te maken kosten’:de kosten die de adviseur maakt,omdat hij ten behoeve van de opdracht extra personeel of een bepaalde dienst (bijvoorbeeld om bodemonderzoek te verrichten) heeft gecontracteerd, voor wie als gevolg van de vertraging of onderbreking geen werk is.
worden op grond van artikel 24 (in welk geval een grond niet gespecificeerd hoeft te worden) en op de gronden genoemd in artikel 25.De opdracht kan verder volgens deze regeling maar op één andere manier eindigen en dat is door voltooiing.Ontbinding is een wijze van beëindiging die het Burgerlijk Wetboek kent voor bepaalde gevallen,naast dus de beëindiging door opzegging of vol­tooiing.Aan ontbinding worden door de wet voorwaarden gesteld en bepaalde rechtsgevolgen verbonden. De belangrijkste wettelijke grond van ontbinding vanwege een tekortkoming, zie artikel 6:265 BW,is dan ook uitgesloten (andere gronden zoals ontbinding op grond van faillissement zijn evenzeer uitgesloten).De wettelijke tekortkoming is niet gelijk aan de tekortkoming zoals aan de orde in deze regeling.De regeling kent immers alleen de toerekenbare tekortkoming,terwijl de wet toerekenbaarheid niet als eis stelt om te ontbinden.Dit betekent dat de regeling de mogelijkheid om de opdracht te beëindigen in een geval van een tekortkoming anders regelt:
– ontbinding wordt uitgesloten,er moet opgezegd worden;
– alleen een tekortkoming die toerekenbaar is,geeft de bevoegdheid op die grond op te zeggen. Dit stelsel is een beperking van de wettelijke mogelijkheden om te ontbinden en die beperking is niet toegestaan indien de wederpartij van de adviseur een consument is.
Hoofdstuk 9
Opzegging van de opdracht
Gevolgen in geval van wettelijke ontbinding (lid 2)
Voor zover het een partij vrijstaat wel te ontbinden op grond van de wet,omdat hij een consument is,dient de afwikkeling van de verhouding wel plaats te vinden volgens deze regeling.Het Burgerlijk Wetboek regelt immers alleen dwingend dat de ontbindingsgrond niet mag worden beperkt,maar zwijgt over de aan de ontbinding verbonden gevolgen. Stel dat de opdrachtgever/consument ontbindt op grond van het bepaalde in artikel 6:265 BW (een tekortkoming van de adviseur),dan kan hij dat doen voor iedere tekortkoming (behoudens de tekortkoming die van een bijzondere aard of geringe betekenis is) ook indien de tekortkoming de adviseur niet is toe te rekenen.De vraag welke gevolgen deze ontbinding echter heeft,dient beant­woord te worden aan de hand van het bepaalde in artikel 37 en 38.
Artikel 24
Opzegging van de opdracht zonder grond
Het staat partijen te allen tijde vrij om zonder grond van elkaar afscheid te nemen.In de mededeling houdende de opzegging,zie artikel 21,kan vermeld worden dat opgezegd wordt op grond van artikel 24,zonder grond.De gevolgen van deze opzegging zijn geregeld in artikel 33 en 34 voor wat betreft de opdrachtgever en in artikel 35 en 36 voor de adviseur.
Artikel 26

Vertraging en/of onderbreking Artikel 29 Onvermogen van een der partijen

Niet iedere vertraging of onderbreking is een grond om op te zeggen.Wil op deze grond opgezegd kunnen worden,dan is vereist dat de vertraging of onder-Financieel onvermogen (lid 2) breking zodanig is van aard dan wel zolang duurt dat nakoming in ongewijzigde Financiële problemen leiden niet altijd en soms pas na enige tijd tot faillissement vorm in redelijkheid niet te vergen is.Een voorbeeld:stel een opdrachtgever of een van de andere in lid 1 beschreven omstandigheden.Toch kan het financieel heeft een toezegging voor een gemeentelijke subsidie en in het vertrouwen dat onvermogen van de ene partij de andere in moeilijkheden brengen.Moeilijk­deze binnen redelijke tijd verleend wordt,verleent de opdrachtgever opdracht heden kunnen ook ontstaan indien er goede gronden zijn om aan te nemen dat
aan de adviseur.Vervolgens blijft de verlening uit en komt het bericht dat de de andere partij zal tekortkomen in de nakoming van haar verplichtingen.In deze subsidie pas in het volgende begrotingsjaar verleend zal worden.In zo’n geval kan gevallen biedt lid 2 de mogelijkheid om toch op te zeggen,indien geen gehoor is ieder der partijen de opdracht opzeggen.Hoe zit het dan met de gevolgen? gegeven aan het verzoek om schriftelijk te verklaren dat de andere partij bereid
Hoewel dit een grond is die de opdrachtgever uiteraard niet te verwijten is,is het wel een grond die aan zijn kant opkomt,zodat de gevolgen van deze opzeg­ging in dit voorbeeld zijn af te lezen in de artikelen 39 en 40.De woorden ‘in redelijkheid niet te vergen’ brengen met zich dat de vertraging of onderbreking ernstige gevolgen dient te hebben;er dient dan ook terughoudendheid betracht te worden bij het honoreren van een opzegging op deze grond.
Artikel 27
Toerekenbaar tekortkomen
Wat onder toerekenbaar tekortkomen wordt verstaan,is gedefinieerd in de begrippenlijst,zie artikel 1.
Laakbaar handelen (lid2)
Laakbaar handelen is verwerpelijk handelen.Soms zal dit gelijkstaan aan een toe­rekenbare tekortkoming,maar dat is niet altijd zo.Men denke aan het eerder gegeven voorbeeld bij de verplichtingen van de opdrachtgever,artikel 11 lid 1. Stel een opdrachtgever geeft een adviseur opdracht een ontwerp te maken voor een overkapping.Vervolgens laat de opdrachtgever het ontwerp nog eens nare­kenen door de uitvoerende partij,die mogelijkheden ziet om op de uitvoering te bezuinigen.De opdrachtgever vraagt daarop aan de adviseur de verantwoor­delijkheid voor deze bezuinigingen,waar de adviseur niet achter staat,over te nemen.Van het gedrag van de opdrachtgever kan niet gezegd worden dat het een toerekenbare tekortkoming is,maar wel laakbaar.De verhoudingen kunnen hierdoor zo verstoord raken dat het wijs is om afscheid van elkaar te nemen. Vandaar dat aan laakbaar handelen dezelfde gevolgen zijn verbonden als aan een toerekenbare tekortkoming.
Andere gevolgen (lid 3)
Een toerekenbare tekortkoming kan schadeveroorzakend zijn.De afscheids­regeling van hoofdstuk 10 voorziet niet in een afwikkeling van de schade,vandaar dat in lid 3 bepaald is dat het recht op opzegging het recht op schadevergoeding, geregeld in hoofdstuk 6,onverlet laat.Naast opzeggen kan de schadelijdende een vordering tot schadevergoeding instellen.
Artikel 28
Overmacht
Begrip overmacht (lid 1)
In het eerste lid is het woord ‘tevens’ gebruikt,dit is om duidelijk te maken dat van overmacht sprake is in de zin van de wettelijke betekenis van het woord als­mede in het geval dat omschreven is in lid 1.Er is van overmacht sprake indien een tekortkoming niet te wijten is aan schuld van de schuldeiser,noch krachtens wet,rechtshandeling of in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt.Ook hier zal sprake dienen te zijn van een ernstige situatie,gezien de bewoordingen dat in redelijkheid voortzetting niet gevergd kan worden.

Hoofdstuk 10
Gevolgen van de opzegging van de opdracht
is en in staat om de opdracht voort te zetten dan wel zekerheid te stellen.
Artikel 30
Wijziging rechts- of samenwerkingsvorm
Wijziging (lid1)
Het eerste lid bevat een niet-limitatieve opsomming van gevallen waarin de rechts-of samenwerkingsvorm wordt gewijzigd.
Algemeen
De regeling van de gevolgen van de opzegging is zo opgezet dat voor zowel opdrachtgever als adviseur de gevolgen steeds afzonderlijk zijn geregeld:
–de artikelen 33 en 34 regelen de gevolgen van opzegging door de opdrachtgever zonder grond;
-de artikelen 35 en 36 regelen de gevolgen van opzegging door de adviseur zon­der grond;
-de artikelen 37 en 38 regelen de gevolgen van opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij de adviseur zelf;
-de artikelen 39 en 40 regelen de gevolgen van opzegging door de opdrachtgever op een grond gelegen bij de opdrachtgever zelf;
-de artikelen 41 en 42 regelen de gevolgen van opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij de opdrachtgever;
-de artikelen 43 en 44 regelen de gevolgen van opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij de adviseur zelf.

De opzeggende partij kan op deze manier de op haar opzegging van toe­passing zijnde gevolgen voor zover betrekking hebbend op de betalings­verplichting van de opdrachtgever en het auteursrecht van de adviseur gemakke­lijk aflezen in de twee relevante artikelen.Daarmee is niet gezegd dat andere bepalingen niet meer geraadpleegd zouden hoeven te worden. Is er bijvoorbeeld een opzegging vanwege een toerekenbare tekortkoming,dan is zeer goed denkbaar dat deze toerekenbare tekortkoming gepaard is gegaan met schade bij de opzeggende partij.In dat geval zullen de bepalingen van het hoofdstuk over de aansprakelijkheid geraadpleegd dienen te worden.Verder dienen wat betreft de betalingsverplichting de bepalingen van hoofdstuk 12, financiële bepalingen,in acht genomen te worden.
Elementen van de betalingsverplichting
De betalingsverplichting is steeds uit dezelfde elementen opgebouwd:
–het honorarium,dat is de vergoeding die de adviseur toekomt voor zijn werk­zaamheden,zie artikel 1;
–de bijkomende kosten,zie artikel 50 lid 4,waarin een niet-limitatieve opsomming wordt gegeven van wat daaronder valt;
–de toezichtskosten,dit zijn de kosten die de adviseur maakt voor het toezicht op de uitvoering van het object,zie artikel 50 lid 3;
–alle redelijkerwijs gemaakte en nog te maken kosten,voortvloeiend uit door de adviseur reeds aangegane verplichtingen.
Betalingsverplichting verhoogd gehouden de adviseur een vergoeding te betalen voor het gebruik van het advies In drie gevallen wordt de opdrachtgever bovendien mogelijk verplicht tot het en is tevens gehouden de adviseur toe te laten zien op het volgens zijn bedoe­betalen van 10% van het resterende deel van de advieskosten,die verschuldigd lingen gebruiken van het advies. zouden zijn, zou de opdracht volledig vervuld zijn.Zie daarvoor:
–artikel 33 lid 2 (opzegging door de opdrachtgever zonder grond); Geen toestemming nodig voor gebruik advies
–artikel 39 lid 2 (opzegging door de opdrachtgever op een grond gelegen bij de In drie gevallen van opzegging mag de opdrachtgever het advies gebruiken opdrachtgever); zonder tussenkomst van de adviseur:
–artikel 41 lid 2 (opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij de – artikel 36 (opzegging door de adviseur zonder grond);

opdrachtgever). – artikel 38 (opzegging door de opdrachtgever op een grond gelegen bij de De bijbetaling heeft betrekking op de advieskosten (honorarium,bijkomende adviseur); kosten en toezichtskosten).De kosten die voortvloeien uit reeds aangegane – artikel 44 (opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij hem). verplichtingen vallen hierbuiten.De bijbetaling is niet altijd aan de orde in de genoemde gevallen,de relevante bepalingen bevatten in de leden 2 afwijkingen voor bijzondere gevallen.Leidt de bijbetaling tot kennelijk onaan­vaardbare gevolgen,dan kan daarvan worden afgeweken,aldus bepalen artikelen 33 lid 3,39 lid 4 en 41 lid 3.
Betalingsverplichting mogelijk verminderd
In drie gevallen is de opdrachtgever bevoegd 10% in mindering te brengen op hetgeen hij dient te betalen.Dit doet zich voor in de gevallen van:
–artikel 35 (opzegging door de adviseur zonder grond);
–artikel 37 (opzegging door de opdrachtgever op een grond gelegen bij de adviseur);
–artikel 43 (opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij hem). In deze gevallen strekt de betalingsverplichting zich bovendien niet verder uit dan voorzover de werkzaamheden voor de opdrachtgever van nut zijn geweest. Ook in deze gevallen is het mogelijk om van het aldus bereikte bedrag dat betaald dient te worden af te wijken indien er sprake is van kennelijk onaan­vaardbare gevolgen.

Kennelijk onaanvaardbaar
Met de term ‘kennelijk onaanvaardbare gevolgen’ wordt,overeenkomstig de betekenis die de wetgever aan deze term heeft gegeven,aangegeven dat slechts met inachtneming van grote terughoudendheid mag worden afgeweken van de
uitkomst van de betalingsverplichting waartoe de hiervoor genoemde bepalingen leiden.
Auteursrecht na opzegging
Met de term auteursrecht wordt hier meer bedoeld dan dat de term onder de Auteurswet inhoudt.Eronder vallen de werken in de zin van de Auteurswet als­mede alle adviezen die niet onder die definitie vallen,maar wel vallen onder de definitie van advies in de zin van deze regeling:het resultaat van de werkzaam­heden van de adviseur.Voorbeelden:de berekeningen die gemaakt zijn voor het aanleggen van een bepaalde installatie,die ook toepasbaar zouden kunnen zijn in een ander door de opdrachtgever uit te laten voeren object;de tekening die niet voldoet aan het originaliteitsvereiste van de Auteurswet.
Toestemming nodig voor gebruik advies
In drie gevallen van opzegging mag de opdrachtgever het advies slechts
gebruiken na voorafgaande schriftelijke toestemming van de adviseur:

–artikel 34 lid 1 (opzegging door de opdrachtgever zonder grond);
–artikel 40 lid 1 (opzegging door de opdrachtgever op een grond gelegen bij de opdrachtgever);
–artikel 42 lid 1 (opzegging door de adviseur op een grond gelegen bij de opdrachtgever). Dit uitgangspunt lijdt uitzondering indien ten tijde van de opzegging al met de uitvoering van een object begonnen is (zie lid 3).De opdrachtgever is dan wel

Hoofdstuk 11 Eigendoms- en auteursrecht van de adviseur Algemeen Het in de titel van dit hoofdstuk genoemde begrip ‘auteursrecht’ wordt in een enge en in een brede zin gebruikt.Artikel 46 heeft het oog op het auteurs­recht in enge zin,daarmee wordt bedoeld:het auteursrecht,octrooirecht en modellenrecht in de zin van de relevante wetgeving. In brede zin omvat het begrip naast hetgeen onder het enge begrip valt tevens alle andere adviezen,zie voor deze betekenis het gebruik in de brede zin van de artikelen 47 en 48.
Artikel 45
Eigendom van documenten
Eigendom van documenten (informatiedragers in welke vorm dan ook) heeft betrekking op het fysieke document,dat wil zeggen:de opdrachtgever is eigenaar van het stuk papier waarop het advies is afgedrukt,getekend of hoe anderszins daarin gevat.Dit eigendomsrecht staat los van het auteursrecht dat de maker van het advies heeft.
Artikel 46
Auteursrecht van de adviseur
Dit artikel ziet op het auteursrecht rustend op die adviezen,die in de zin van deAuteurswet 1912 beschouwd worden als een werk waarop auteursrechten bestaan.In artikel 46 lid 2b zijn de rechten geformuleerd die de auteursgerech­tigde toekomen op grond van artikel 18 lid 1 van deAuteurswet.De rechten zijn niet allemaal van even groot praktisch belang,maar desalniettemin opgenomen in deze regeling opdat de overeenstemming met de wettelijke regeling behouden zou worden.Tevens ziet dit artikel op die adviezen,die in de zin van de Rijks­octrooi-wet en de Eenvormige Beneluxwet inzakeTekeningen en Modellen als vallend onder die wetten worden aangemerkt.
Artikel 48
Recht van herhaling van het advies
Herhaling van het advies door de opdrachtgever(lid 3)
Ook bij volkomen herhaling van een eerdere opdracht zullen meestal door de adviseur werkzaamheden worden verricht en bijkomende kosten gemaakt worden. Voor deze werkzaamheden en kosten zal een vergoeding overeengekomen wor­den,dit naast de aan de adviseur toekomende vergoeding voor het auteursrecht.

Hoofdstuk 12 Algemeen
Financiële bepalingen De regeling van de financiële bepalingen bevat geen honorariumtabellen of Advieskosten
honorariumformules,noch voorstellen voor de verdeling van het honorarium
over de verschillende fasen van de opdracht.Dergelijke tabellen en verdeel-Toezichtskosten (lid 3)
sleutels zijn moeilijk eenduidig te formuleren voor advieswerkzaamheden uit Het toezicht kan als volgt worden gehouden:
verschillende vakdisciplines.Daarnaast passen dergelijke tabellen en formules – voltijdtoezicht voor de duur van de uitvoering gedurende de werktijden die
niet in deze tijd,gezien de ontwikkelingen in het mededingingsrecht.De regeling door de uitvoerende bedrijven worden aangehouden;
wijst zonder rangorde aan te geven de meest gehanteerde wijzen van berekening – deeltijdtoezicht op bepaalde vastgelegde tijden of dagen van de week;
van honorarium,toezichtskosten en bijkomende kosten en geeft omschrijvingen – deeltijdtoezicht voor een nader overeen te komen gemiddeld percentage van de
van deze begrippen.Het hoofdstuk‘Financiële bepalingen’ is beperkt tot de uitvoeringsperiode;
hoofdlijnen;niet alle factoren die van belang kunnen zijn bij het bepalen van de – ad hoc op afroep door de uitvoerende partij of opdrachtgever.
advieskosten zijn erin verwerkt. De wijze van toezichthouden,voltijd,deeltijd of op afroep kan bepalend zijn voor
BNA en ONRI zullen ten behoeve van het maken van afspraken door hun leden over de advieskosten,voorzover zulks wettelijk is toegestaan,ondersteunend materiaal publiceren;ook zullen historische cijfers van advieskosten openbaar worden gemaakt.
De wijze van berekenen van het honorarium,de toezichtskosten en de overige kosten,alsmede de hoogte van een percentage of van een bedrag dient door de adviseur en opdrachtgever te worden overeengekomen op grond van een voor­stel,respectievelijk een aanbieding van de adviseur dan wel een aanbod van de opdrachtgever. De adviseur zal bij het bepalen van zijn voorstel rekening houden met alle voor de onderhavige opdracht typische gegevens en factoren. Daaronder kunnen zijn :
-de aard,omvang en complexiteit van de opdracht;
– de omvang en kwaliteit van de beschikbare gegevens,zoals het programma van eisen;
– de soort en hoeveelheid te verrichten werkzaamheden;
– de geplande tijdsduur voor de uitvoering van de opdracht;
– de eventuele fasering van de opdracht;
– de samenwerking met derden-adviseurs uit andere vakgebieden en/of binnen de eigen vakdiscipline;
– werkzaamheden die door de adviseur aan specialisten worden uitbesteed;
– in hoeverre beschikbare knowhow en resultaten van eerdere opdrachten aangewend kunnen worden;
– of de werkzaamheden binnen de eigen vestiging,elders of ook in het buitenland worden verricht;
– de invloed van overheidsvoorschriften en regelingen;
–de te leveren bescheiden,documenten en stukken. En voorzover de opdracht de uitvoering van een object betreft bovendien:
–het budget dat voor de uitvoeringskosten beschikbaar is;
–de eventuele samenwerking in een team met uitvoerende partijen;
–in hoeverre er sprake is van nieuwbouw,uitbreiding,verbouwing,herstel, renovatie of restauratie; – of er één gebruiker is,dan wel meerdere gebruikers,waarmee wordt gecommuniceerd;
– of de uitvoering aan een of meerdere partijen binnen hetzelfde vakgebied wordt opgedragen of dat in bouwteamverband wordt gewerkt;
– hoe de uitvoering wordt aanbesteed of dat er in regie wordt uitgevoerd;
–de eventuele fasering van de uitvoering.

Daarnaast kan uiteraard een schatting of raming van de aan de opdracht te besteden interne kosten een handvat bieden om het percentage of het bedrag te kunnen bepalen.Het is van belang dat partijen zich realiseren dat gemaakte financiële afspraken op grond van wijzigingen in de uitgangspunten aangepast dienen te worden,zie artikel 9.
Artikel 50
de wijze van het vaststellen van de toezichtskosten,tegen een percentage,op tijdbasis of een vast bedrag,zie artikel 51 lid 2.
Bijkomende kosten (lid 4)
De regeling van de bijkomende kosten omvat mede wat vroeger wel bekend stond onder de term ‘verschotten en/of onkosten.’
Artikel 51
Bepaling van de advieskosten
Algemeen
De advieskosten kunnen voor alle onderdelen op een en dezelfde wijze worden bepaald,bijvoorbeeld op grondslag van bestede tijd. In sommige gevallen zal het echter in de rede liggen bijvoorbeeld het hono­rarium volgens de ene methode te berekenen en de toezichtskosten en bijkomende kosten volgens een andere methode.Ook kan gedifferentieerd worden naar de verschillende fasen,zie daarvoor ook het bepaalde in artikel 2 lid 3 onder k.

Artikel 52
Berekening als een percentage van de uitvoeringskosten
De uitvoeringskosten (lid 1)
Bij het bepalen van de uitvoeringskosten kan gebruik gemaakt worden van bijvoorbeeld de bouwkostenomschrijving onder 3.2 van NEN 2631,getiteld ‘Investeringskosten van gebouwen’,eerste druk,maart 1979.Ook andere normen die betrekking hebben op uitvoeringskosten kunnen hierbij van dienst zijn. Vastgesteld dient te worden of de totale uitvoeringskosten van het object de grondslag voor de berekening van de advieskosten vormen,of dat uitsluitend wordt uitgegaan van nader te specificeren onderdelen;zoals bijvoorbeeld de constructiekosten of de installatiekosten.Ook kan worden bepaald dat het overeengekomen percentage wordt toegepast op alle uitvoeringskosten,al dan niet met uitzondering van bepaalde kostendelen die geheel buiten het aandachtsveld van de adviseur vallen.Het verdient in elk geval aanbeveling dit exact vast te leggen.
Artikel 53
Berekening op grondslag van bestede tijd
Het verdient aanbeveling dat de adviseur een raming maakt van de te besteden tijd en van het op tijdsbasis bepaalde honorarium en/of de toezichtskosten. Het verdient aanbeveling dat,indien voor de kosten op tijdsbasis een limiet­bedrag zou worden overeengekomen,de adviseur de opdrachtgever tijdig op de Hoofdstuk 13

Toepasselijk recht,geschillen en vaststelling
Artikel 56
Betaling van advieskosten
Verschuldigde rente (lid 6)
Het Burgerlijk Wetboek kent twee soorten wettelijke rente.Eén voor de consument,zie artikel 6:119 BW en één voor de zogenaamde handels­overeenkomst,dat is de overeenkomst om baat die een of meer partijen verplicht om iets te geven of te doen en die tot stand is gekomen tussen een of meer natuurlijke personen die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf,zie artikel 6:119a.Deze percentages,die met regelmaat door BNA en ONRI worden gepubliceerd,lopen uiteen.Het is dan ook zaak het juiste percentage aan te houden.
Artikel 58
Geschillen
Algemeen
Een verschil van mening hoeft niet te resulteren in een geschil dat voorgelegd wordt aan arbiters.Het eerste lid voorziet in de mogelijkheid van het oplossen van het verschil van mening door bijvoorbeeld mediation,hiervoor kan men zich wenden tot het Nederlands Mediation Instituut te Rotterdam.Daarnaast is ook nog te wijzen op het bestaan van de commissie klachtenbemiddeling van de ONRI en de mogelijkheid een probleem voor te leggen aan de deken van de

hoogte stelt van mogelijk overschrijden van deze limiet,hiervoor oorzaken en BNA. redenen aangeeft en een voorstel doet voor een aangepast bedrag.

Rechtbank,sectie kanton (lid 4)
Artikel 55 Geschillen met een vordering tot een waarde van € 5.000 kunnen aan de Advieskosten in geval van aanpassingen en wijzigingen rechtbank,sectie kanton worden voorgelegd in plaats van aan het scheidsge-
recht.Wordt een tegenvordering ingesteld met een hogere waarde,dan zal de
Wijzigingen in de uitvoering van de opdracht (leden 1 en 3) rechtbank,sectie kanton,indien er maar enig verband tussen beide vorderingen
Wijzigingen in de uitvoering van de opdracht kunnen onder andere bestaat,en dat zal vaak zo zijn,beide zaken beslechten.Wel is het zo dat,als de
voortvloeien uit : zaak technisch ingewikkeld wordt,een deskundige benoemd zal dienen te
– niet met de werkelijkheid overeenkomen van door de opdrachtgever worden. verstrekte gegevens;
– wensen of besluiten die niet tijdig aan de adviseur bekend zijn gemaakt;
– varianten of alternatieven voor studies of ontwerpen die reeds zijn afgerond;
– het terugkomen op eerder genomen besluiten;
– verhogen of verlagen van het eerder vastgestelde budget;
– commentaar op werkzaamheden van de adviseur,die inhoudelijk, vaktechnisch of esthetisch voor verantwoording van de adviseur komen, uiteraard voorzover dit commentaar niet het gevolg is van een fout van de adviseur;
– de keuze voor door derden aangedragen alternatieve oplossingen, constructies,technieken,uitvoeringsmethoden en dergelijke;
– fouten die door derden worden begaan.
Het verdient aanbeveling dat de adviseur het ontstaan van wijzigingen tijdig, onderbouwd en gemotiveerd aan de opdrachtgever meldt. De opdrachtgever zal mogelijk verlangen dat de adviseur een raming van de wijzigingskosten maakt.
Het overeengekomen percentage of bedrag is niet vast meer,zodra de uitgangspunten waarop dit percentage of bedrag bij het sluiten van de overeenkomst werd gebaseerd,gedurende het verloop van de opdracht een relevante wijziging ondergaan.
Model Basisopdracht
3 Ondergetekenden: Model Basisopdracht
1
Projectgegevens

3 De fasering van de uitvoering van de werkzaamheden vindt plaats volgens het in annex 2 opgenomen tijdschema. 4 Het bedrag dat ten naaste bij met de uitvoeringskosten van het object gemoeid mag zijn bedraagt:euro .....,zegge:..... 5 Met inachtneming van het bepaalde omtrent advieskosten elders in deze
opdracht alsmede in de bij deze opdracht horende Rechtsverhouding opdracht­gever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005,wordt het bedrag aan advieskosten te betalen door de opdrachtgever aan de adviseur berekend op euro .....,exclusief BTW, zegge .....

2
Opdrachtdocumenten
.....1 gevestigd/wonende te ..... ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door ..... hierna te noemen:opdrachtgever en
..... bevestigd/wonende te ..... ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door ..... hierna te noemen:adviseur,
verklaren het volgende te zijn overeengekomen.
Partijen stellen vast dat voorafgaande aan het opstellen van deze opdracht de inhoud ervan voldoende is doorgesproken en dat op deze opdracht van toepas­sing is de ter hand gestelde DNR 2005.
1 De opdrachtgever draagt hierbij aan de adviseur op en de adviseur verklaart deze opdracht te aanvaarden de volgende werkzaamheden ....., nader om­schreven in annex 1. 2 Het advies dient met inachtneming van het in annex 2 opgenomen tijdschema door de adviseur te worden uitgevoerd.
Deze advieskosten zijn opgebouwd uit de volgende componenten: honorarium ..... toezichtskosten ..... bijkomende kosten .....
1 De volgende opdrachtdocumenten omschrijven in onderlinge samenhang de rechten en verplichtingen die voor partijen uit de opdracht voortvloeien: A het programma van eisen; B de door partijen ingevulde en ondertekende Basisopdracht; C de door partijen geparafeerde annexen met betrekking tot: 1 de nadere omschrijving van de werkzaamheden; 2 het tijdschema; 3 de vertegenwoordiging van opdrachtgever en adviseur; 4 de nadere uitwerking van de kwaliteitszorg; 5 de aard en omvang van de bijkomende kosten; 6 het betalingsschema; 7 informatieoverdracht en overleg; 8 overdracht van documenten; 9 .....

1 Partijen vullen lege plaatsen in
3
Gegevens,informatie en goederen door de opdracht­gever ter beschikking te stellen
D de Rechtsverhouding opdrachtgever-architect,ingenieur en adviseur DNR 2005. 2 indien opdrachtdocumenten onderling tegenstrijdig zijn,geldt,tenzij een andere bedoeling uit de opdracht voortvloeit,de volgende rangorde: a de Basisopdracht; b de annexen; c de Rechtsverhouding opdrachtgever – architect,ingenieur en adviseur DNR 2005; d het programma van eisen. 3 de adviseur draagt de verantwoordelijkheid voor de onderlinge tegen­strijdigheden tussen de in lid 2 genoemde stukken voorzover hij daarvan de inhoud opstelde.
1 Naast het programma van eisen stelt de opdrachtgever de volgende gegevens en informatie ter beschikking: a ..... b ..... c ..... 2 De opdrachtgever stelt aan de adviseur de volgende goederen ter beschikking:
2 De toezichtskosten worden bepaald: 2
o als percentage van de uitvoeringskosten; o op basis van de tijd besteed aan het toezicht;
o door een door opdrachtgever en adviseur overeengekomen vast bedrag;
o naar enige andere door opdrachtgever en adviseur overeengekomen maatstaf. 3 De bijkomende kosten worden bepaald: 2
o als percentage van de uitvoeringskosten;
o naar de werkelijk gemaakte kosten;
o door een door opdrachtgever en adviseur overeengekomen vast bedrag;
o als percentage van het honorarium;
o naar enige andere door opdrachtgever en adviseur overeengekomen maatstaf. 4
o Opdrachtgever en adviseur bepalen het percentage van de uitvoeringskosten ter berekening van de advieskosten/honorarium/toezichtskosten/bijkomende kosten (doorhalen wat niet gewenst is) op:% .....
o Opdrachtgever en adviseur bepalen het tarief per tijdseenheid voor de advieskosten/honorarium/toezichtskosten/bijkomende kosten (doorhalen wat niet gewenst is) op euro .....,zegge:.....
o Opdrachtgever en adviseur bepalen het vaste bedrag voor de advieskosten/honorarium/toezichtskosten/bijkomende kosten (doorhalen wat niet gewenst is) op euro .....,zegge ..... voor de volgende periode:.....

a ..... 5 b ..... Bij advieskosten als percentage van de uitvoeringskosten,worden de uitvoe­c ..... ringskosten bepaald als: 3 o de bouwkosten volgens de omschrijving onder 3.2 van NEN 2631,getiteld De opdrachtgever verschaft de adviseur toegang tot: Investeringskosten van gebouwen’,eerste druk,maart 1979; .....(adres of werkterrein) o de uitvoeringskosten voor de volgende delen van het te bouwen object .....
waarbij niet zijn inbegrepen ..... 4 De opdrachtgever wijst met betrekking tot de opdracht .....aan om hem jegens o anders,te weten .....
Vertegenwoordiging de adviseur te vertegenwoordigen.In annex 3 worden de omvang en de duur 6 van de vertegenwoordigingsbevoegdheid van ..... omschreven. Indexatie van tarieven: De adviseur wijst met betrekking tot de opdracht .....aan om hem jegens de o vindt niet plaats;
o
5
Wettelijke verplichtingen
6
Kwaliteitszorg
7
Advieskosten
2 Partijen kruisen hier een keus aan
opdrachtgever te vertegenwoordigen.In annex 3 worden de omvang en de duur van de vertegenwoordigingsbevoegdheid van .....omschreven.

1 Partijen houden rekening met de volgende wettelijke regelingen: a ..... b ..... c ..... 2 De adviseur neemt betreffende de in lid 1 genoemde regelingen de volgende ver­plichtingen op zich: a ..... b ..... c .....
De wijze waarop de kwaliteitszorg van de adviseur nader vorm wordt gegeven ten behoeve van de opdracht wordt omschreven in annex 4.
1 Het honorarium van de adviseur wordt bepaald:
2 als percentage van de uitvoeringskosten; op basis van de tijd besteed aan de vervulling van de opdracht;
o door een door opdrachtgever en adviseur overeengekomen vast bedrag;
o naar enige andere door opdrachtgever en adviseur overeengekomen maatstaf.
vindt wel plaats conform .....

8
Overleg en informatie- overdracht
9
Samenwerken met derden-adviseurs
10
Slotbepalingen
7 De aard en de omvang van de bijkomende kosten zijn in annex 5 omschreven. 8 De opdrachtgever betaalt de adviseur volgens het in annex 6 opgenomen betalingsschema. 9 Betalingen worden gedaan op bank-/gironummer ..... ten name van .....
In annex 7en 8 leggen partijen vast met welke frequentie en in welke vorm informatie wordt overgedragen en overleg wordt gepleegd en aan wie en in welke vorm en aantal documenten door de adviseur ter beschikking worden gesteld alsmede onder welke voorwaarden.
De opdrachtgever wijst participant ..... aan als verantwoordelijke voor de besturing van het proces van werkzaamheden van de verschillende derden­adviseurs.
1 De adviseur heeft ter dekking van zijn aansprakelijkheid voortvloeiend uit deze opdracht een beroepsaansprakelijkheidsverzekering/.....verzekering afgesloten. Ten bewijze van het bestaan van deze verzekering legt de adviseur de volgende bescheiden over:.....

2 De opdrachtgever draagt er zorg voor dat een CAR-verzekering,als bedoeld in artikel 2 lid 3q van de Rechtsverhouding opdrachtgever – architect ,ingenieur en adviseur DNR 2005,wordt afgesloten.Ten bewijze van het bestaan van deze ver­zekering legt de opdrachtgever de volgende bescheiden over ..... 3 Onderwerpen die ten tijde van het aangaan van deze opdracht nog niet vast­gesteld kunnen worden,zijn: a ..... b ..... c ..... Zodra informatie over de genoemde onderwerpen beschikbaar komt,zullen deze onderwerp van overleg worden. 4 Geschillen voortvloeiend uit deze opdracht worden beslecht door middel van:
o arbitrage ..... 2,3

o de gewone rechter: 2

Aldus overeengekomen op ..... Ondertekend te ..... Namens de opdrachtgever ..... Namens de adviseur .....

2 Partijen kruisen hier een keus aan 3 Ook al is voor arbitrage gekozen en is het belang lager dan € 5000,dan kunnen partijen bij het rijzen van het geschil dit alsnog voorleggen aan de recht­bank,sectie kanton.
Uitgave
BNA Koninklijke Maatschappij tot bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten Keizersgracht 321 Postbus 19606 1000 GP Amsterdam T 020 555 3666 F 020 555 3699 bna@bna.nl www.bna.nl
ONRI Organisatie van advies- en ingenieursbureaus Koningskade 30 Postbus 30442 2500 GK Den Haag T 070 314 1868 F 070 314 1878 onri@onri.nl www.onri.nl